27 maart 2015

Spaarrente onder 1 procent? Fiscus gaat nog uit van 4 procent!

De spaarrente is al onder de 1 procent gezakt. Op korte termijn lijkt een spaarrente van 4 procent of meer niet meer haalbaar.

De Rabobank is als eerste grote Nederlandse bank met haar spaarrekening onder de 1 procent gezakt. Er zijn nog banken die meer dan 1 procent bieden, maar de rentes blijven nog steeds dalen. Voor de vermogensrendementsheffing gaat de Belastingdienst nog steeds uit van een spaarrente van 4 procent. Gezien de huidige rentestand lijkt het toch tijd om dit naar beneden bij te stellen.

Ons belastingstelsel is verdeeld in drie boxen. De meeste Nederlanders hebben alleen te maken met box één en box drie. In de eerste box vallen het inkomen en de eigen woning. In box drie vallen het vermogen en bepaalde bezittingen. In deze box worden onder andere het spaargeld, het belegde vermogen en een tweede woning belast. Indien u een vermogen hebt boven de vrijstelling moet u er belasting over betalen.

Hoe zwaar is de heffing in box drie?

De bezittingen in box drie moet u bij elkaar optellen. Indien de totale waarde de vrijstelling overtreft, moet u belasting betalen over het meerdere. De vrijstelling voor 2015 bedraagt 21.330 euro per belastingplichtige. Fiscale partners hebben dus een vrijstelling van 42.660 euro. De hoogte van de heffing wordt berekend over een verondersteld rendement. Ongeacht het gemaakte rendement gaat de Belastingdienst uit van een rendement van 4 procent. Het maakt niet uit hoeveel het werkelijk gemaakte rendement bedraagt. 

Over het rendement moet u een heffing betalen van 30 procent. Voor belastingjaar 2015 is het saldo per 1 januari 2015 bepalend. Wij zullen de heffing nader uitleggen aan de hand van een voorbeeldberekening.

Een echtpaar had op 1 januari 2015 een spaarkapitaal van 75.000 euro. Hoeveel belasting moeten ze betalen in box drie?

Eerst wordt het spaarvermogen verlaagd met de fiscale vrijstelling:

75.000 - 42.660 = 32.340 euro (= heffingsgrondslag)


Volgens de Belastingdienst bedragen de veronderstelde inkomsten uit sparen en beleggen:

32.340 x 4 procent = 1.293,60 euro

Heffing bedraagt:

30 procent van 1.293,60 = 388 euro

Tijd om de belastingdruk te verlagen

Al meerdere keren zijn de politieke beslissers onder druk gezet om eens kritisch te kijken naar deze onredelijk hoge heffing over spaargeld. Helaas zijn ze niet bereid om maatregelen te treffen. Er is zelfs al een rechtszaak aangespannen tegen de Staat over de onredelijke uitgangspunten van de heffing in box 3. Het Hof van Den Bosch heeft een uitspraak gedaan in het voordeel van de Nederlandse Staat. Het is geen onrechtmatige verrijking van de Staat. Ook zou het niet in strijd zijn met het Europese recht of internationale verdragen.

Op korte termijn lijkt een spaarrente van 4 procent of meer niet meer haalbaar. Spaarders moeten mogelijk lang wachten op betere tijden en de belastingheffing voor lief nemen. Er kan gekozen worden voor alternatieven, maar let wel op de risico's.

Naar mobiele navigatie